Waar laat ik mijn dier inslapen?

Waar laat ik mijn dier inslapen?

Waar laat ik mijn dier inslapen? Wat moet het verdrietig voor je zijn dat je heel binnenkort afscheid moet nemen van het dier dat je waarschijnlijk jaren bij je hebt gehad. Het dier waarmee je een innige band hebt opgebouwd. Misschien is het niet je eerste dier. Heb je al veel dieren gehad. Maar elk dier dat sterft of gaat sterven en dat deel heeft uitgemaakt van jouw leven … Als het moment van afscheid nemen eraan komt, dan hakt dat erin.

En op het moment dat dan die beslissing is genomen, die beslissing van het soms verlossende spuitje, dan komt de vraag: waar gaan we het laten doen? Gaan we naar de dierenarts? Laten we de dierenarts bij ons thuis komen? Wie zijn er bij? Wie zijn er niet bij?

Mijn eerste kat, Micky, heb ik laten inslapen bij de dierenarts. Ik was 24, zat op kamers in Enschede en was speciaal voor het inslapen teruggereden naar mijn geboortestad Haarlem. 19 jaar was ze geworden. Haar hele jeugd was ze ‘mijn kat’ geweest.

En zo zit ik daar bij de dierenarts in een soort van achterafkamertje met mijn geliefde Micky op schoot. In een opslagruimte tussen de dozen injectienaalden, antiwormspuiten, enveloppen en disposables. Het inslaapspuitje is gegeven en het wachten is nu op het moment waarop ze de slaap gaat vatten.

Daar zit je dan. Op een krukje. Tussen chemische luchtjes van de ontsmettingsmiddelen en kartonnen dozen. De ruimte verlicht met koude uitstralende TL-balken a la ‘Café Internationaal’. Het is er stil. Het is er niet eigen. Je hoort in de wachtkamer en spreekkamer verderop het geroezemoes. Af en toe nageltjes krassen over de vloer van een hond die weg wil.

Dan hoor je deuren open en dicht gaan. Je kat op schoot. Je streelt haar. Je denkt aan de mooie tijden die je met haar hebt gehad. Je checkt haar ademhaling. Ademt ze nog? Ademt ze diep? Was dit haar laatste diepe ademhaling? Nee, toch niet, ze ademt weer in. Wat voelt ze zacht. Wat is ze mager geworden de laatste tijd.
Het duurt wel lang. Ze zullen ons toch niet vergeten zijn?
Vast niet. We zouden worden opgehaald als het slaapmiddel goed was ingewerkt, zo was ons ingefluisterd.

Na drie kwartier begint de twijfel toch wel de kop op te steken. Je kijkt eens naar de deur. Daar zit geen beweging in. Je luistert of je voetstappen hoort jullie kant op. Ook niks. Je wil niet opstaan met je kat in je armen om op de deur te kloppen. Stel dat je kat vindt dat jij ongeduldig bent. Dat ze dan denkt dat haar dood jou niet snel genoeg kan gaan … Dat vergeef je jezelf toch nooit meer? Dus blijf je wachten tot je wordt opgehaald.

Anderhalf uur duurt het uiteindelijk. Micky is inmiddels al weer half aan het bijkomen. Ik voel mij er steeds minder fijn onder. Maar ja. Ik weet niet beter. Misschien hoort het wel zo.

Dan zwaait opeens de deur open: de assistente die iets uit de voorraadkamer moet pakken. Ze schrikt zich te pletter daar opeens een vrouw te zien zitten met een slappe kat in haar armen.

Ze weet niet wat ze zeggen moet.
Later hoor ik dat ze ons in de drukte van het spreekuur straal zijn vergeten. Duizend excuses.

Micky was het eerste dier en ook meteen het laatste dat ik bij de dierenarts heb laten inslapen. Vanaf dat moment zou ik, als ik ooit nog dieren nam, de dierenarts thuis laten komen als dat nodig was.

En toen ik jaren later leerde hoe ik met dieren kon praten, kon ik ook gesprekken aangaan met hen die mij dierbaar waren. Of met dieren van anderen die op het punt stonden te gaan sterven.
Stuk voor stuk vertelden deze stervende dieren mij dat ze hun dierbaren bij zich wilden hebben als de dood naderde.

En zo hebben wij dat sindsdien telkens gedaan. Onze dieren stierven thuis. Met alle mensen en dieren om ze heen die deel hadden uitgemaakt van het gezin. Omdat wij hadden geleerd om naar hen te luisteren.

Wil jij ook weten hoe je jouw dier kan verstaan? De één vangt plaatjes op, de ander gevoelens, weer een ander geuren … en weer een ander alles tegelijk … Want wil jij nou echt weten hoe je met je dier kunt praten? Download dan nu onze Gratis Handleiding om te leren hoe je dat doet. Heus, er gaat een wereld voor je open. En zo kun jij ook leren hoe je contact maakt met je dier voor een van de belangrijkste momenten van zijn leven: het afscheid.

Over de schrijver
Mijn naam is Mieke Zomer. Ik werk als dierentolk. Ik ben ondernemer bij De Zomerhof, auteur van het boek Dieren-Sprekend als Mensen, moeder van Sanne, vriendin van Nathalie. Ik heb het HEAO afgerond, ben vervolgens in de zakenwereld terechtgekomen en van daaruit rolde ik bij toeval in het communiceren met dieren. Het is mijn missie om mijn vak Dierentolk aan een breed publiek bekend te maken. Hiermee werk ik niet alleen mee aan het creeren van een betere toekomst voor veel dieren. Met het geven van de cursussen in het communiceren met dieren en het babyfluisteren, help ik vrouwen een liefdevolle en krachtige plek innemen in onze Nederlandse samenleving. Een samenleving waarin wat mij betreft de mannelijke kwaliteiten en de ratio zwaar worden overgewaardeerd. De wereld veranderen. Meer gevoel, meer hart: mijn missie, mijn passie.
Femke
Door

Femke

op 23 Oct 2013

Heel jammer als je zo'n ervaring hebt bij het laatste afscheid van je geliefde dier. Wil er toch graag aan toevoegen dat het ook echt anders kan. Werk zelf als assistente op een Dierenarts praktijk, waar we met heel veel zorg en aandacht met deze moeilijke dingen omgaan. Ook voor ons blijft het belangrijk dat we daar verbeteren waar nodig. Het is helaas niet altijd mogelijk om thuis te komen bij mensen dus dan creëren we rust op de praktijk. Wij blijven er altijd bij tenzij de cliënt aangeeft even alleen te willen zijn. En horen ook gelukkig vaak dat mensen het zeer waarderen hoe het allemaal verlopen is. Mijn advies hier is communiceer erover met je eigen dierenarts over de mogelijkheden. En vertel ook waar je bang voor bent. Dan kunnen ze zich beter inleven in jouw persoonlijke voorkeur.

Mieke Zomer
Door

Mieke Zomer

op 23 Oct 2013

Dank je voor de tip Femke! Ik denk dat veel mensen deze ter harte zullen nemen. Inderdaad, vertel waar je bang voor bent en dan kunnen ze er in de praktijk iets mee. Als je je mond houdt en niks zegt, kan niemand raden wat er in je omgaat. Dus nogmaals: dank je voor je reactie!

Reactie plaatsen